Een literair portret (door Snaer Voortand)

Literaire portretten: 18-09-2060
Seizoen 11 aflevering 9 “Kaals; de poëet van het klei”
Presentator: Snaer Voortand

Dames en Heren,

“Een man een man, een woord een verhaal” moet de achtjarige Rudy Kaals gedacht hebben toen hij zijn eerste essay schreef.

De Armeense genocide het onderwerp, nul het begrip.

Juffrouw Tillie, van basisschool “de basisschool” in het pittoresque Oudenbosch, had er werkelijk géén ruk van begrepen. Turken kende zij inmiddels wel, maar de Armeniërs…daar had zij nog géén kaas van gegeten. Ze had hen daarom maar voorgesteld als een exotisch paardenras en genocide als een oosters alcoholicum. Met deze list wist ze uiteindelijk toch een boodschap uit het essay te destilleren. Een wel heel verontrustende boodschap inderdaad…..

Tijdens de koffiepauze die middag had juffrouw Tillie in de lerarenkamer haar moment afgewacht. Dit was haar kans.

De jonge pedagoog had sinds haar aanstelling, Hemelvaartsdag 1985, altijd het gevoel gehad dat ze met de nek aangekeken werd door haar collega’s. Tijdens de talloze koffiepauzes waarbij ze altijd net buiten het cirkeltje zat, had ze echter wel begrepen dat het in dit wereldje draait om drama en leed. En nu was daar die duivelse Rudy Kaals. Tillie had nooit durven denken dat deze introverte jongeling met zijn curieuze rode rastahaar haar van enig succes zou voorzien. Maar dan dat essay. Wel, het succes zou dan wel over Rudy zijn frêle ruggetje gaan, maar daar had de juffrouw, Pabo class of 1982, nu even géén boodschap aan.

Tillie werpt een blik door de beige luxaflex. Het is druilerig buiten. Perfect. Henrie de hippe meester met het enigszins onconventioneel oorbelletje in zijn rechter lel, schenkt de koffie in. Zoals gewoonlijk vergeet hij Tillie. Maar dit keer zal de jonge lerares haar gram halen. “Die klootzak zal mij nooit meer vergeten” denkt zij. Een glimlach siert haar brede gezicht niet.

“Dusse…” zegt Tillie veel te hard. Tactisch wacht ze even tot iedereen zijn aandacht gevestigd heeft op haar corpulente persoontje. Met tegenzin, maar ze kijken.

In geuren en kleuren doet Tillie haar verhaal uit de doeken. Over die rare Rudy en zijn essay. Over het feit dat ze hem altijd al een beetje vreemd vond. En dan zijn ouders en zo, met hun deux chevaux.

Een half uur later. Iedereen zwijgt.

Tillie kijkt eens rond. Dit is haar zegen, haar wraak en het is o zo zoet. Sweet Victory. Ze ziet de emoties in de blikken van haar toehoorders. Haar opzet is geslaagd. Maar dit was slechts het begin. Het topje van de ijsberg. “They will never know what hit them” denkt ze. Vanmiddag zou Tillie naar de ouders van Rudy gaan om verhaal te halen. Ze zou streng maar rechtvaardig zijn. En ze wist het zeker, ze zou uitgroeien tot prominent pedagoog. De beste van het stel.

We schrijven 16.00. Tillie schrijdt naar het fietsenhok. Het is lekker in het najaarszonnetje. Het klimrek staat verveloos tussen het gevallen gebladerte. De bomen zijn kaal en het meeste gevogelte is vertrokken voor de winterkou definitief haar intrede doet. Dood en verlaten zijn overal, maar Tillie vindt het mooi. Het valt haar op dat de schoonheid van de herfst haar nooit is opgevallen. “Nou ja je bent nooit te oud om te leren waarderen” concludeert ze monter.

Wanneer ze het fietsenhok inloopt ziet ze haar fiets al staan. De gazelle primeur met het nieuwe Sturmey Archer drieversnellingsnaaf. Het nieuwste op het gebied van schakelen had Tillie gehoord. Het scheen uit Amerika overgewaaid te zijn ofzo. De onderwijzeres had er wel even over nagedacht hoe zo één apparaatje in godsnaam de Atlantische oceaan over zou kunnen waaien, maar was niet tot een sluitende verklaring gekomen. Nu ja, dat is immers ook haar taak niet.

Daar stond haar geliefde tweewieler zoals altijd op de derde plaats van rechts. Bij haar aantreden had deze plaats toebehoord aan kleuterjuf Annie. En ja, kleuterjuffen daar keek Tillie nu eenmaal een beetje op neer. Toen Annie op een mooie dag al struikelend haar rug brak over een stel achteloos achtergelaten klossen bij de zandbak, had Tillie in haar vlezige klauwtjes gewreven. Dit was haar kans. De volgende morgen was de onderwijzeres na een vrij rusteloze nacht een kwartier eerder van huis gegaan om haar snode plannetje ten uitvoer te brengen. Ze vermoedde dat Dreek, de besnorde veertiger van de 5e, ook een oogje had op het plaatsje in het fietsenhok dat, niet geheel ontoevallig, van alle plaatsen de meeste zonuren genoot. Haar plannetje was geslaagd en vanaf die bewuste dag behoorde de derde plaats van rechts toe aan Juf Tillie. De nieuweling. Haar eerste succes in het school wereldje. “Een vies en vunzig wereldje mevrouw” zoveel wist Tillie wel (wrample Alexander Pechtold)

De lerares opent haar combinatieslot. 1-2-1, dat zullen ze nooit raden. De blauwe beugel glijdt soepel open. Ze was de enige in het lerarencollectief die de fiets op slot zette. De andere leraren hadden er altijd een beetje lacherig over gedaan. Tillie had zich er niks van aangetrokken. Zij had immers gestudeerd in Breda. In die tijd was ze natuurlijk braaf thuis blijven wonen in ‘de Fendert’. Iedere dag met de 117 naar Breda centraal en dan overstappen op de 8 of de 11 naar de ‘van Goghstraat’. Van haar klasgenoten, die op vrijdag middag voor 50 cent biertjes gingen zuipen in café ‘de buurman’ om zich daarna onzedelijk te laten benaderen door allerhande tuig uit Noord, had ze echter wel gehoord dat menig fiets aldaar ontvreemd werd. Natuurlijk gebeurde zulks niet in het vredelevende Oudenbosch, maar Tillie was ervan overtuigd dat de tijden zouden veranderen. “Er zal een dag komen dat je hier je fiets niet meer ongesloten kan parkeren” had Tillie gezegd, en zij had géén zin die dag af te wachten.

Met de fiets aan haar hand verlaat ze het golfplaten hokje en neemt plaats op haar rokkenzadel dat de fiestenmaker zonder extra kosten gemonteerd had. Goed, het was misschien een niet alledaags verzoek geweest maar Tillies vader zei altijd: “de verrekes etuh preieblaare Tillie” . En dat had Tillie maar al te goed begrepen. Dus toen de fietsen maker daarom vroeg, had Tillie eventjes haar enkelrok opgelicht om de lepe arbeider een snelle blik op haar weelderig begroeide schaamstreek te gunnen. Een kleine bijdrage voor zo één mooi rokkenzadel.

Tillie neemt tevreden plaats. Het pakket stencils waarop Rudy zijn essay prijkt, wordt in het rotan stuurmand gedeponeerd. Het had haar een middagje aan de stencilmachine gekost, maar dat had Tillie er graag voor over gehad. De juffrouw ging op weg.

De familie Kaals zit nietsvermoedend aan tafel. Het vrolijke en hechte gezinnetje drinkt ’s middags altijd gezamenlijk thee, keuvelend over Willem Duys, het beangstigende aantal kruisraketten, het lot van de Molukkers, en allerlei bananenrepublieken (een term die, against popular beliefs, afkomstig is van moeder Kaals). Rudy voelt zich in deze omgeving de koning te rijk en lijkt in niets op de introverte speelplaatsjongen waar zijn docente hem voor houdt. Hij is net bezig met een geanimeerd betoog, waarin hij de vondst van de Dode zee rollen afdoet als een slecht geregisseerde PR stunt van de Haganah, als de bel gaat.

De gordijnen zijn al gesloten daar de schemering deze tijd van het jaar al vroeg zijn intrede doet. De gezinsleden hadden Tillie dus niet zien naderen. De drie kort op elkaar volgende ‘DingDongs’ doet bij de Kaalsianen enige opwinding bij de beller in kwestie vermoeden. Ad gooit melig een suikerklontje tegen het voorhoofd van zijn zoon en loopt naar de voordeur.

“Dag Juffrouw Tillie!” horen de aantafelde familieleden nadat de voordeur geopend is “Wat een verassing!”.

En een verassing was het. Luttele seconden na de waggelende entree van de lerares, worden de kinderen op aandringen van Tillie al naar hun kamertje gestuurd. Het gesprek zou namelijk niet over koetjes en kalfjes gaan zo had zij gezegd. Om haar woorden kracht bij te zetten had ze dreigend met het 600 pagina’s tellende essay gezwaaid dat Rudy op een verloren woensdagmiddag geschreven had. Ad en Eef wilden de lerares niet voor het ietwat vunzige hoofd stoten en hadden gedaan wat de docente gevraagd had.

Rudy had op zijn kamer de commodore 64 aangezet om ‘loadrunner’ te spelen. Dit spel bracht altijd orde in de chaos van zijn nog jonge kruin. ‘Loadrunner’ was rust, en transparantie. De uitkomst goed of fout, nooit iets er tussenin.

Enkele uren later wordt Rudy naar beneden geroepen. Wanneer hij de trap afdaalt ziet hij de volwassenen aan tafel zitten. Het vertrouwde licht van de treklamp met beige kap verwarmd het interieur maar de sfeer is koel. Tillie kijkt wantrouwig. Voor haar ligt het essay getiteld ‘de vergeten schande van het Berberland’. Rudy neemt plaats op de solide eikenhouten stoelen die zijn ouders destijds bij Morres meubel in Hulst gekocht hadden. Nietsvermoedend kijkt hij Juf Tillie in haar zwijnerige kraaloogjes. Ze voelt zich ongemakkelijk maar start haar betoog.

Het zou te ver gaan om te spreken over samenhang en duidelijkheid, maar de rode draad in de docente haar betoog was in ieder geval eenvoudig te noemen gelijk haar geest. “Ieder kind schrijft over zijn ouders, huisdieren of de strandvakantie”. “Een enkeling schrijft over meester Dries die overal zijn vingers insteekt wanneer niemand kijkt….maar NIEMAND schrijft over benevelde paarden in een verzonnen land!”

En dus is het slecht, dat begrijpt u.

Rudy had op aandringen van zijn ouders zijn excuses aangeboden aan zijn wanstaltige docente. Tevreden was de docente op gestaan en had enige sympathie geveinsd, waarna ze was uitgelaten door vader Ad. Tillie was tevreden. Morgen zou ze haar successen zorgvuldig communiceren aan haar collega’s. Misschien zou een collega er wel zelf over beginnen. Tillie zou dan eerst onwetendheid veinzen om vervolgens zo nonchalant mogelijk de herinnering van gisterenavond uit haar brein te putten en over de koffietafel te kletteren. “O je bedoelt die jongen van Kaals?!” “Ja daar ben ik gisteravond toch maar even langs geweest ja” wat zouden ze smullen van haar verhaal! Tillie wist het zeker; haar zegetocht was slechts begonnen.

Vader Ad had de voordeur gesloten en een keer met zijn vroeg grijze hoofd geschud. Daarna was hij naar de kamer van zijn zoon getogen. Het was tijd voor het ‘man tot man’ gesprek waar hij eigenlijk al sinds de geboorte van zijn spruit tegen opgezien had. Wat hij nu aan zijn zoon zou gaan vertellen had hem ooit doen twijfelen over zijn kinderwens.

Rudy kijkt naar zijn vader als deze zijn kamer betreedt. Hij heeft maar één blik nodig om de zwaarmoedigheid bij zijn nestor gewaar te worden. Onmiddellijk laat hij ‘loadrunner’ voor wat het is en kijkt zijn vader aan met zijn grote ree blauwe kijkers. “Uuuuh zoon…” begint zijn vader onwennig.

“Het is misschien niet allemaal wat het lijkt”.

In het emotionele verhaal dat volgde hoorde Ruud ten eerste male de term ‘parels voor de zwijnen’ vallen. Een term die hij in zijn latere leven zelf veelvuldig zou bezigen en in zijn 29e levensjaar zelfs levengroot op zijn ruggetje zou laten tatoeëren. Rudy had zijn vader begrepen.

Vanaf die dag stonden Rudy zijn essays bol van de oppervlakkigheid.

Beste kijkers, het meeste van dit werk is jammerlijk verloren gegaan en we dienen nu een sprongetje te maken naar het moment dat Rudy zijn schroom lijkt te verliezen en weer voorzichtig met pareltjes gaat strooien. Nog steeds voor de zwijnen welliswaar maar ook dat zou gaan veranderen.

Dames en Heren we spreken 2004 wanneer een nieuw medium haar intrede doet. En hyves neemt Nederland als een storm. Rudy vindt een nieuw podium en het resultaat is u allen bekend.

Slappe verhaaltjes. Wel vermakelijk hoor, dat wel.

Er waren echter ook lieden die meer zagen in zijn verhalen. Alsof er een moraal in zou zitten ofzo. Een trouwe groep volgt Rudy wedijverend tegen politieke populisten die Hyves gebruiken als smerig indoctrinatie middel om de ene na de andere klote blog van zichzelf uit te lichten. Niet alleen wist de toen nog onbekende jonge schrijver de politieke marionetten ver achter zich te laten op originaliteit, waarheid en feit, maar hij was ook in het bezit van de allerlangste testimonials op hyves hetgéén, het zal u niet verbazen, de politici stervend jaloers maakte.

Wel het vervolg is u allen bekend.

Rudy vond uiteindelijk het podium dat hij verdiende en verdient een fortuin dat hem allerminst gelukkig maakt. Uiteindelijk verzonk hij, zoals de meeste genieën, in waanzin en verloor in 2030 zijn leven tijdens een mislukte operatie waarin geprobeerd werd zijn neus te vervangen door een banaan. Rudy liet een indrukwekkend oeuvre achter evenals een liefdevol gezin en één schandknaap. Postuum kreeg hij meer waardering dan ooit tevoor.

Dames en Heren: Rudy Kaals. Schrijvend, bevrijdend ,wijzend, wijzer, ziener, ziend, vriend Vredelievend, vreemd lievend, vreemd, lievend, lief, liefde lovend, leven lovend, levend, leven nemend, wezend, lezend, vriend, géén Fries, of Frans, nee Nederlands, Brabants, lands, werelds, mondiaal, brutaal, maar waar, eerlijk dus, heeft een zus, géén mus, maar kauw, of vrouw, of drank, en klank, en Jazz, op de brezz, tegen onrecht, hij vecht, op zijn manier, zijn verhaal, Kaal, is, taal, is, taal, tool, gereedschap, wetenschap, weten, en weet…
Soulmate.

Dat het u mag smaken.

Snaer Voortand  – November 2006
Meer werk van Snaer Voortand is te vinden op zijn weblog.