Van het parallele universum
24/08/2010Eigenlijk had ik een heel verhaal geschreven over een bruine kroeg in mijn geboortedorp in Brabant. Daar was ik van het weekend. Café het Centrum heette die kroeg en we kwamen er vaak op vrijdagavond met een aantal oude schoolvrienden. Je kon jezelf er achterlijk zuipen zonder dat iemand er naar omkeek. Het ontbrak de tent aan alle vormen van vermaak, doch we hebben er ons geen seconde verveeld.
Gisteren werd ik spontaan verrast door een sms van Susy. Sommigen van u zullen haar wel kennen. Susy houdt ook een weblog bij. Veel vlijtiger dan ik dat doe. In de tussentijd voedt ze twee kinderen op, schijnt ze ook nog te werken en houdt ze er hobby’s als bekstinken en het verzamelen van Deutsche Schimpfwörter op na. Aldus ontving ik gisteren enkele creaties. Het zal niemand ontgaan dat ik me daarmee uitzonderlijk vereerd voelde.Susy.. als Satan een dochter heeft, draagt ze die naam.
De afgelopen vier weken bracht ik in het zomerse Berlijn door. Owwwww wat was het daar heerlijk. Overal waren mussen. In de perkjes, parkjes, op het balkon en op het terras. Ze tsijlpten en sprongen en hupten en hupten met veel te grote broodkorsten in het rond. Gelooft u dat die gevederde snodaards me gelukkig maakten? Vast niet.
Toch is het zo.
In een hoek van café het Centrum stond een ouderwetse telefooncel. Die was al decennia buiten gebruik, geloof ik. We hebben er avonden lang over gefilosofeerd. Dat als je dat nicotine-gele hokje binnenstapte en een kwartje in de telefoon wierp, je in een parallel universum uit zou komen. Waar alles exact omgekeerd zou zijn als in die telefooncel in café het Centrum. Tien jaar later woon ik Berlijn, waar alle vormen van vermaak aanwezig zijn. Meestal verveel ik me er kapot. Mussen lieve mensen. Ik geloof dat het kwartje gewerkt heeft.