Hoe de lente van Dresden naar Berlijn kwam waaien

De zon stond nog niet zo hoog dit jaar. De hemel was hier ook nog niet zo blauw. Vannacht was de laatste nacht dat het gevroren heeft. Dat hopen we tenminste met zijn allen. Toen ik vanochtend mijn schaaltje yoghurt met fruit naar binnen lepelde, luisterde ik naar radio Fritz. Als een kind op pakjesavond vertelde de presentator dat het maarliefst 10 (tien!) graden zou gaan worden vandaag. Ik deed een blik naar het binnenhofje en zag een bonte kraai met een twijg in de weer.

Afgelopen weekend heb ik de lente aan zien komen. Ze kwam van een heuvelwegje naar ons toegekropen. Ik liep in Dresden Hellerau met Jan en Franzi, mijn eerste Duitsche huisgenoot en zijn vriendin, en we luisterden naar het geluid van druppend en naar beneden sijpelend gesmolten sneeuw. Her en der kwamen stukken donkergrijs asfalt tevoorschijn. Het lag er na drie maanden vorst en winterfoltering uiteengebarsten bij. Hoewel een treurig aanblik, deed het me denken aan de vrolijke mozaiekmotieven die ik in Lissabon overal zag.

In Berlijn heeft de dooi een aantal dagen later ingezet. Drie maanden Dreck komt onder de sneeuw aan het licht. Drie maanden peuken, flessen bier en hondenpoep. Als de tram de bocht omdraait, springt het water uit de rails omhoog. De stad ruikt naar een oude man die drie maanden zijn tanden niet heeft gepoetst. Er liggen overal kleine steentjes waarmee de stoepen in de gladde wintermaanden enigszins begaanbaar werden gemaakt. De steentjes worden na de dooi door mannen in oranje pakken bij elkaar gebezemd, gewassen en een volgende winter hergebruikt.

Bij de pinautomaat aan de Warschauerstraße zitten al een paar weken elke morgen een aantal zwervers. De mannen met rode gezichten zitten in kleermakerzit bij de verwarming. Met enige jolijt werd me vanmorgen een slok Sternburg aangeboden. Trots hief de Poolse jongen het flesje in zijn eeltige knoken. In zijn mond hangt een shaggie. Het stinkt in de pinautomaat, dat is me eerder al opgevallen. Als ik naar buitenstap, neem ik een diepe haal frisse lentelucht.

Ze komt. De lente.. ik heb haar horen komen.

7 reacties op “Hoe de lente van Dresden naar Berlijn kwam waaien”

  1. Naatie zegt:

    Het werd tijd.

  2. puY zegt:

    Franzi und Jan… was ein helden!

    Nou laat ff weten als het kwik boven de 20°C (lees: schwansig graden tsee) dreigt te komen, dan boek ik meteen een ticket ;-)

    groet godd

  3. Lian Reuvekamp zegt:

    Leuk gevonden de metafoor tussen de geur van de stad en een oude man die zijn tanden maanden niet gepoetst heeft. Een stad op de grens tussen winter en lente kan echt vies ruiken. Mooi, beetje triest en tegelijk hoopvol, beschreven.

  4. pepperfly zegt:

    “De stad ruikt naar een oude man die drie maanden zijn tanden niet heeft gepoetst.”

    Ik heb toch geen laptop met geur-app, maar DIT rook ik.

  5. René zegt:

    Lente? Da’s zóóó 2009 - wij zitten hier al in de herfst.

  6. Paul zegt:

    Tien graden is nog steeds winter hoor. Bij de lente hoort een korte broek.

  7. rudy kaals zegt:

    @Naatie: ja.. vanochtend was er ook weer een heerlijke zon.. maar een paar erna weer sneeuw en vanmiddag zelfs hagel. Ik volg het niet meer..
    @Puy: keep you updated!
    @Lian: afgelopen zondag zag de stad er grijzer uit dan ooit tevoren. Deze week hebben ze de steentjes van de stoep geveegd. Het ziet er ineens stukken minder treurig uit. :)
    @René.. echt? Ik hoop toch dat die lente hier nog komt!
    @Paul: je hebt gelijk. Een korte broek droeg ik nog niet.

Reageer hier