Hoe is het in Berlijn (13) – relaas uit een bruisende stad
Nummer dertien. Dit was waarschijnlijk voorbestemd. Sinds mijn komst naar de stad van de grote onbegrepen intellectueel heb ik mij nog niet zo naar de klote gevoeld als gister en vandaag. Na drie dagen volledig van de wereld te zijn geweest op het platteland werd het maar weer eens tijd om naast de fles te grijpen.
Vage herinneringen flitsen door mijn hoofd: een grillfestijn waar dronken worden het motto was; een kampvuur naast een meiboom waar dronken worden het motto was; een fietstocht van dorp naar dorp (kroeg naar kroeg) waar dronken worden het motto was; een enorm verjaardagsfeest waar, je verwacht het niet, dronken worden het motto was.
Van over heel de wereld was er volk over gekomen om mee te vieren. Ik herinner mij een blonde waar het eerste gesprek over geinfecteerde aambeien ging. Ik herinner mij een donkere die vol lof was over de kutscheten van Hannelore Kohl. Ik herinner mij een rode, die zo’n goed hart bezat dat het pijn deed als ze naar me keek. Ik herinner mij het een en ander, maar eigenlijk valt er niets te herinneren.
Hoe dat het in Berlijn is? Nog steeds geen reet te doen hier. Hele weekenden voor de televisie gehangen. In de provincie moet je wezen! In de provincie wordt geleefd!
om 14:18
Ligt het aan mij of krijg je steeds vaker last van het Tijhcs syndroom?
Herriner?
om 15:07
Gast… ik was blij dat ik ueberhaupt kon typen gek. Jeweettogggggg.
om 16:02
GAST!!!!!