Landloos hebben wij ons lief
Met mijn hoofd nog in de wolken
Deed zij de gordijnen open
En kwam ik erachter
Dat achter deze wolken
Nog dikkere bewolking hing.
Ze denkt dat ik onaardig ben
Een klootzak net als die anderen
Mannelijk, al te mannelijk.
Onrustbarend
Het onzelieveheersbeestje dat
Het vuistdik achter de oren had
Sluw, doortrapt en uitgeslapen
Een egoïstisch stinkend zwijn
Ik ben slecht
Ik ben slecht
Ik ben slecht
En zal haar nooit begrijpen
Toch
Vanuit mijn medulla oblongata
Heb ik haar lief
Zij zal me niet begrijpen
Toch
Vanuit haar medulla oblongata
Heeft zij mij lief
Dolend hebben wij ons lief.
om 12:24
wat moet ik hierop
nu zeggen..?
om 14:53
Goodmorning rudy,
this is your life and it’s ending – one minute at a time.