Burn-out – een bezoekje aan de psycholoog

“Rudy, je bent vijfentwintig, ben je niet een beetje jong voor een burn-out?”
“Tsja, ik ben waarschijnlijk ook te jong voor een hartaanval, maar ook die mogelijkheid bestaat.”
“En waar kan ik je mee helpen?”
“Hoezo waar kan ik je mee helpen…? Ik ben hier niet de psychologe. Het is jouw vak. Zeg jij het maar.”
“Is er iets dat je denkt te kunnen veranderen in je leven? Iets waarmee je rust kunt creĆ«ren?”
“Weet ik veel… ik wil gewoon weer slapen zoals ik dat als kind ooit deed.”
“Weer slapen als kind… en verder?”
“Geen angsten meer, geen depressies, geen frustraties, geen spanning.”
“Dat is alles?”
“Vind je het niet genoeg dan?”
“En zijn gevoel voor humor terugkrijgen.”
“Sorry ja, ik ben de laatste tijd nogal…”
“Het is al goed, laten we beginnen met je ademhaling.”
“Kun je me niet gewoon Oxazepam voorschrijven en dat hippiegedoe achterwege laten.”
“Dat kan ja… ga lekker rustig zitten en zorg dat je geaard bent.”
“Geaard?”
“Beide voeten in contact met de aarde.”
“Oh God…”
“Sluit je ogen en recht je rug, handen op je buik en langzaam door je neus inademen en de lucht richting onderbuik sturen, even vasthouden en weer langzaam uitademen.”
“Dat is alles?”
“Dat is alles.”
“Zucht…”

U reageert maar ergens anders.