Een treffen met Morgaine le Fay

De dag zal niet verpieteren!

Het is zes uur ‘s morgens en Berlijn wordt omhelst door een grijs wolkendek. Ergens tsjilpt er iets, maar dat wordt door mij en de andere vroege vogels wijs genegeerd. Wij zijn onderweg. Op zoek naar het laatste stukje bebouwde wereld waar je nog ongerepte, maagdelijke natuur kunt vinden. Een zoektocht die zal leiden naar de enige plek op aarde waar we zullen worden overvallen door een oorverdovende stilte, zoals bepaalde mensen dat af en toe zo prachtig mooi kunnen zeggen met hun lyriek en taalgevoel en alles. Ik zoek en ik zoek…

Morgaine le Fay.

De moed zakt me in de zevenmijlslaarzen en de dwaaltocht wordt slenterend voortgezet. Ik arriveer op de Gendarmenmarkt. Gevuld met leegte. Bijkans de meest toeristische trekpleister en zelfs geen sushivreters die vluchtig vanuit een touringcar alles op de gevoelige plaat vast leggen om vervolgens de trein van half zeven naar Florence, Londen en Parijs te nemen, doch dat terzijde.

Dit slaat als kut op Dirk! Toch droom ik niet. Het is hier uitgestorven… of op z’n Duits gezegd: er is geen jood te bekennen.

Het perfecte moment om midden op het plein vanuit mijn achterste gat een vers gedraaide drol van kak te plempen. Een schalks ideetje wat voor de nodige hartkloppingen, duizelingen en ochtenderecties op halve kracht en minder weet te zorgen. Brave borst dat ik ben, weet ik mij te beheersen, sta op en kuier verder. Op de Deutsche Dom stoeit een kraai met een stuk plastic verpakking waar ooit een leverworst in zat.

Thuis aangekomen ligt iedereen nog op zijn achterhoofd. Ook hier heerst rust. Ik weet niet wat jullie ervan vinden, maar mijn dagtaak is vervuld. Ik ga slapen. Weltruste. Goedendag.

U reageert maar ergens anders.