De zeeslag van Svolder
Tijdens een van mijn eerste weekenden alhier leek het mij een puik plan de plaatselijke horeca eens duchtig met een bezoek te vereren. Op z’n Aidshovens welteverstaan. Oftewel met je pik tussen je billen gebonden wodka in je nek kappen tot je erbij neervalt, opstaan en vragen of het licht uit mag.
Aldus geschiedde.
Halverwege de avond en inmiddels ruim boven mijn theewater liep ik een oud wicht tegen het lijf. Ze toonde meer dan interesse in mijn persoon, wat er in de praktijk op neer kwam dat ze me om een vuurtje vroeg.
Mijn blik werd gevangen door een tedere meisjeshand die aan haar linkerarm bungelde, aan haar andere arm droeg zij een glimmende roestvrijstalen haak, uit de categorie abbatoir. Nu heb ik normaal gesproken een enorm zwak voor bleke en lichtbesproete handen, doch ditmaal betrof het een dragonder eerste klasse, wiens meisjeshand niet de compensatie kon leveren voor de rest van haar kwaliteiten. Ook met haar vleeshaak kreeg ze hem bij mij niet omhoog.
Spuuglelijk was ze!
Zo eentje die ver achteraan had gestaan. En de lucht die haar toch al niet zo tedere mond verliet zou geenszins inspiratie opleveren voor een hoofse dichter als mijzelve, laat staan voor Balthasar Corne Vogel Melchior Xavier, de vermaarde skald die in het begin van de middeleeuwen menig vrouwen- (en mannen)hart sneller deed bonzen aan het Noorse hof van Koning Knoet de Tweede. Koning Knoet, ookwel Knoet de Grote genoemd, doch terzijde. Het beloofde een zware avond te worden.
Afijn, na een hoop geouwehoer over die rare vikingen, waar ik vooral de moeite nam om het een en ander uit te weiden over de zeeslag van Svolder (9 september 999) viel het wicht in slaap en zag ik zowaar kans er tussenuit te glippen. Op mijn sokken verliet ik de taveerne die inmiddels omgedoopt was tot televisieset van de in de jaren zeventig zo populaire familieshow Sterf Eens Dood…!
Het had maar weinig gescheeld of dat diabolische weekeinde was zowaar mijn laatste geworden. Waar het katholicisme toch allemaal goed voor kan zijn…
Zo sprak de Heer.